Spreektekst Harm Groenendijk commissie verkeer & milieu

Voorzitter,
De PVV heeft goed kennisgenomen van het rapport van RIVM en de brieven met bijlagen van de Gedeputeerden. De uitkomsten die hier in staan stemmen ons niet vrolijk. Er wordt geconstateerd dat er in de jaren tot 2013 sprake is geweest van overschrijding van de vergunning maar dat uit onderzoek is gebleken dat dit niet heeft geleid tot overschrijding van de grenswaarde in het menselijk lichaam. Uit informatie die ik uit andere bronnen heb verkregen komen heel andere conclusies. Uit die informatie blijkt dat DuPont al sinds de jaren 60 op de hoogte is van de schadelijkheid van PFOA. Amerikaanse regelgeving verplichtte DuPont om deze kennis in de VS te melden. Met die kennis is DuPont door actie uit de samenleving gedwongen om de bevolking in de omgeving van haar fabrieken medisch te onderzoeken. Gerenommeerde universiteiten en medische instanties hebben deze resultaten geanalyseerd en daar conclusies uit getrokken. DuPont heeft deze onderzoeken zelfs moeten betalen en heeft deze niet betwist. In de VS blijkt dus wel dat de stof, historisch, aantoonbaar is en dat er diverse medische aandoeningen PFOA gerelateerd zijn, in tegenstelling wat het rapport van het RIVM beweert.

Voorzitter de PVV wil niet teveel stilstaan bij wat er in het verleden is mis gegaan. Een gedegen onderzoek onder de bevolking van de directe omgeving van DuPont is voor ons wat betreft nu zeker aan de orde. Onderzoek heeft aangetoond dat PFOA door de hele voedselketen is aangetroffen, van het kleinste insect tot de grootste roofdieren. Zelfs in IJsberen en zeeleeuwen, dieren waarvan bekend is dat zij hun visje niet in een Tefalpannetje bereidden.

Voorzitter, zelfs al zou maar 10% van wat de rapporten die Keep Your Prommisses DuPont ons heeft aangeleverd waar zijn, dan nog durf ik te spreken van een milieuramp, waar alle eerdere “incidenten” bij in het niets staan. Voorzitter, de provincie in de rol van bevoegd gezag op de controle op de naleving van de omgevingsvergunningen, heeft bij mij toch mijn twijfels gewekt over de rol die de provincie in de omgevingsdienst heeft vervuld. Ik heb daarom dan ook de navolgende vragen aan de gedeputeerde, en ik verwacht hier geen ad-hoc maar gedegen antwoorden op.

Waarom is, ondanks de aanwezige kennis bij zowel DuPont als de wetenschappelijke wereld, de uitstoot welke op de omgevingsvergunning werd toegestaan zo ruim geweest? Waarom is er niet stevig op aangedrongen om de resultaten van de medische onderzoeken door DuPont op hun eigen personeel boven water te krijgen? Waarom hanteren wij veel hogere normen van toegestane aanwezigheid van PFOA in water als de EPA of het gerenommeerde instituut GrantJohn? Waarom is er geen onderzoek gedaan naar de verontreiniging van het water in de recreatieplas vlak onder der ook van de DuPont fabriek in Dordrecht? Waar in Zuid-Holland is er PFOA gestort en welke beheersmaatregelen zijn daarvoor getroffen? Wat gaat de gedeputeerde doen om te zorgen dat de vergunde uitstoot op zeer korte termijn wordt terug gebracht naar nul? Wat is de samenstelling van de grondstof Gen-X die nu gebruikt wordt voor de PTFE (teflon) productie en wordt die ook in Dordrecht gebruikt? Hoeveel van de nieuwe hulpstof Gen-X wordt er vergund?

Voorzitter naast deze vragen maken wij ons meer zorgen om de toekomst. Hoe gaan we voorkomen dat dit soort situaties opnieuw ontstaan. Tot 2013 deed de omgevingsdient alleen een papieren controle uitvoeren. Deze papieren tijger constructie is wat betreft de PVV voltooid verleden tijd. Wij zagen graag dat de gedeputeerde er streng op toeziet dat de omgevingsdienst brult als een leeuw bij naderende overtredingen en klauwt als er grenzen overschreden worden. Naast deze verbetering zouden wij graag zien dat DuPont de kosten van de door hen veroorzaakte verontreiniging volledig voor hun rekening nemen inclusief de vervolgschade. Ook nu nog stoot DuPont dag en dagelijks verontreiniging uit die in de leefomgeving komt. We leven nu al 16 jaar in de 21e eeuw. In het kader van duurzaamheid mag je toch verwachtten dat bedrijven er van alles aan doen om verspilling van grondstoffen tegen te gaan. De techniek is er het ontbreekt in deze blijkbaar aan de wil om die toe te passen. Voorzitter tot zover, maar het dossier is wat ons betreft zeker nog lang niet gesloten.