Spreektekst Omgevingsbeleid: Koepelnotitie 0.3 (PS-vergadering 11-10-2017)

De Omgevingswet is een hele kluif. Het is de olifant in de kamer. Wij weten dat het eraan komt maar niemand weet nog goed wat wij ermee aan moeten. Ook Gedeputeerde Staten en wij, Statenleden, zijn tot nu toe zoekende. Als eerste wil ik een compliment aan het college geven omdat hij de Staten, zowel de oppositie als de coalitie, laat participeren in dit proces. Daarmee verdient u een groot compliment.

De Omgevingswet is nu een jaar uitgesteld en dat haalt een beetje de druk van de ketel. Toch blijven wij, de Staten, niet op onze handen zitten en gaan ijverig door. Gaat dit tot nu toe tot ieders tevredenheid? Nee, dat denk ik niet. De ondersteuningscommissie werkt nog niet optimaal ondanks ieders goede bedoelingen. Of de commissie levensvatbaar is voor de langere termijn moeten wij maar even afwachten. De intentie is goed en de wil is er ook bij iedereen. Nu moeten wij alleen even afwachten of het gewenste effect behaald wordt.

Voorzitter, dan de inhoud. De PVV is het ermee eens dat die zo veel mogelijk beleidsarm wordt omgezet. Er zijn echter drie punten waarvoor de PVV aandacht vraagt:

 De ondersteuningscommissie heeft geconcludeerd dat er te weinig aandacht is voor de gezondheidseffecten voor mens en dier in de besluiten die wij nemen. De PVV is van mening dat de provincie beter moet onderzoeken wat de effecten van de maatregelen zijn die wij hier nemen. Wat zijn de effecten op de gezondheid van mens en dier van bijvoorbeeld het aanleggen van een weg, het plaatsen van een windturbine of het plaatsen van kustbebouwing?

De PVV denkt dat daardoor een betere discussie gevoerd kan worden, waarbij meer gediscussieerd wordt op basis van feiten in plaats van aannames. Dat betekent niet dat je alleen maar maatregelen moet nemen die een positief effect hebben op de gezondheid. Soms moet de politiek maatregelen nemen die in het belang zijn van de economie of die een groter belang dienen. Met het beter meten en verbeteren van de gezondheidsrisico’s ontstaat er een zuiverder discussie die minder gebaseerd is op onderbuikgevoelens.

Even ter illustratie. Al Gore heeft de Nobelprijs ontvangen voor zijn voorspellingen dat de ijskap in 2013 volledig gesmolten zou zijn, dat de ijsbeer uitgestorven zou zijn en dat Nederland in 2017 onder water zou staan.Nu weten wij inmiddels dat de ijskap met 9000 km2 is gegroeid, dat het de grootste groei is sinds 1979 (50% meer groei dan in 2012), dat er bij de laatste telling een recordaantal ijsberen is geteld en dat Nederland nog steeds niet onder water staat. Als wij dus naar de feiten hadden gekeken en niet naar veronderstellingen, dan hadden wij deze man geen Nobelprijs gegeven, maar een enkeltje Zuidpool.

 Als tweede willen wij meer inspraak voor de burgers, zowel vooraf als achteraf. Wij willen daarom een sterke burgerjury die het college en de Staten adviseert op het beleid en ons vertelt hoe het beter kan. Zo wordt het provinciehuis weer meer van de burger en minder van de ambtenaar. De Rotterdamse burgerjury kan hierbij als voorbeeld worden genomen.

Daarnaast wil de PVV dat de burger een advies kan uitbrengen in situaties waarin beslissingen worden genomen die grote effecten hebben op de directe leefomgeving van burgers. Denk aan herindelingen, het plaatsen van windturbines of het aanleggen van een weg. De burger mag om advies worden gevraagd.

Politici moeten niet bang zijn voor de mening van de burger. De PVV is daarom voorstander van een raadgevend referendum en wil ook graag dat het college onderzoekt of de provincie zelf een corrigerend referendum kan instellen. Helaas heeft de nieuwe regering besloten om het corrigerend referendum af te schaffen, maar wij zouden het in Zuid-Holland graag willen invoeren.

 Als laatste zien we graag dat onze voorzitter een gekozen ambt wordt. De Commissaris van de Koning (CdK) wordt nu benoemd door de minister, maar wij willen hem graag laten benoemen door het volk. Hierdoor krijgt de burger meer feeling met de provincie. Toen D66 nog voor Democraten 66 stond, zei die partij al: “Een stem op de macht en een stem op de controle daarvan.”

Helaas hebben wij moeten concluderen dat de hoofdletter D van Democraten beter veranderd kan worden in duurzaamheid of denationalisten. De CdK is nu een onbekende figuur en er is geen speld op jouw jas die daartegen helpt. Het benoemen in plaats van kiezen van de macht is ondemocratisch, het past niet bij de democratie die wij zeggen te zijn. Concluderend. De burger moet meer feeling krijgen met de beslissingen die wij hier nemen.

De Omgevingswet zorgt ervoor dat wij ons beleid dichter bij de burger kunnen brengen. De PVV denkt dat dit kan door een burgerjury, het corrigerend referendum en een gekozen Commissaris van de Koning.

Voorzitter, ter afsluiting. Ik deel de visie van de heer Brill niet want ik denk juist dat het betrekken van de burger bij de besluiten die wij nemen, ontzettend belangrijk is en dat de Omgevingswet het juiste moment is om dat te doen. Het kan zijn dat men het niet eens is met de oplossing die ik aandraag, maar ik vind dat ik hier best mag spreken over de oplossingen die wij daarvoor willen aandragen. Die oplossingen kunnen u niet bevallen, maar het feit dat ik dat ter sprake breng, moet kunnen in deze discussie.

Voor zover voorzitter.